Op 1 januari 2011 treedt de Europese inkomensregel in dat woningcorporaties maximaal 10% van hun woningen mogen verhuren aan huishoudens die meer verdienen dan 33.614 euro per jaar. Echter er zijn op het moment te weinig betaalbare particuliere huurwoningen en goedkope koopwoningen. Als we niet oppassen vallen huishoudens met een modaal inkomen tussen wal en schip in Maastricht.
Als gezin met een inkomen van iets meer dan 33.000 euro per jaar wordt het je wel erg moeilijk gemaakt. Je mag niet meer een woning huren bij een woningcorporatie. Een betaalbare gezinswoning is niet te vinden op de particuliere matkt. En voor een koopwoning krijg je geen hypotheek. Huishoudens met een relatief klein inkomen kunnen op deze manier geen kant op.
Het kabinet laat de middeninkomens in de steek. Zij wil namelijk niet in Europa naar een oplossing zoeken voor deze huishoudens. Zij laat de huren voor deze inkomens met 5,5% stijgen. Er komt geen extra geld voor startersleningen. En er wordt niets aan de hypotheekrenteaftrek gedaan. Er zullen oplossingen geboden moeten worden voor de problemen op de woningmarkten en dat lukt niet als men de kop in het zand steekt zoals het kabinet nu doet.
Er zal een Nationaal woonakkoord moeten komen waarin partijen over hun eigen schaduw heen stappen. Zolang er geen Nationaal woonakkoord is richt de maatregel uit Europa alleen maar schade aan. Ik ben dan ook blij dat een groot aantal woningcorporaties in Nederland in opstand is gekomen tegen de inkomensmaatregel en zich er de komende tijd tegen zullen verzetten. Ik hoop dan ook dat de Maastrichtse woningcorporaties zich ook gaan verzetten tegen de maatregel, want de maatregel lost de problemen op de Maastrichtse woningmarkt niet op. De maatregel zorgt alleen maar voor extra problemen.
maandag 20 december 2010
donderdag 9 december 2010
De millenniumdoelen hebben geen toekomst na 2015
Op 20 september van dit jaar meldt NRC Handelsblad triomfantelijk dat de millenniumdoelen succesvol de armoede hebben teruggedrongen. Het is waar, de armoede is teruggedrongen, maar dat is niet het hele verhaal. De millenniumdoelen hebben namelijk een schaduwzijde. Niet alle doelen worden gehaald en met een aantal doelen is het zelfs ronduit slecht gesteld. De economische groei van China en India geeft ons een vertekend beeld van de armoedebestrijding. In Afrika is namelijk de armoede in veel landen niet wezenlijk teruggedrongen en van veel landen zijn de cijfers niet eens bekend. De millenniumdoelen hebben de ambitie om de kindersterfte terug te dringen, maar veel Afrikaanse landen lopen ver achter op het behalen van een significante daling van de kindersterfte. Om maar niet te spreken over de hoge kraamsterfte in Afrika.
De millenniumdoelen zijn opgesteld om de armoede met de helft te verminderen in 2015. Door doelstellingen zoals deze te stellen werk je in de hand dat er weinig wordt geïnvesteerd in de “onrendabelen”. Zij vallen buiten de boot. Dit is ook het beeld dat de millenniumdoelenatlas geeft. Nigeria, Ivoorkust en Zambia lopen achter en landen als China, Brazilië en India boeken vooruitgang. Door ons te richten op het terugdringen van de armoede wordt de grote ongelijkheid in de wereld en binnen landen niet aangepakt.
Bij de ontwikkeling van landen hangt alles samen, maar de millenniumdoelen formuleren acht specifieke doelen en zijn niet allesomvattend. Hierdoor worden vele belangrijke aspecten buiten beschouwing gelaten die wel van cruciaal belang zijn voor duurzame ontwikkeling. Zo zijn de millenniumdoelen niet gericht op landbouw en infrastructuur, terwijl dit factoren van belang zijn voor de ontwikkeling van een land. Daarnaast zijn doelen te beperkt geformuleerd. Neem bijvoorbeeld de doelstelling om het aantal mensen dat van minder dan een dollar per dag moet leven met de helft te verminderen. Welvaart is echter niet alleen economisch, maar welvaart omvat alles wat betrekking heeft op de kwaliteit van leven. We willen ook dat alle kinderen naar school gaan, maar men richt zich met de millenniumdoelen alleen op het basisonderwijs. Hierdoor wordt er onvoldoende geïnvesteerd in vervolgonderwijs, zodat kinderen daadwerkelijk een vak kunnen leren.
Onder andere op basis van de hiervoor genoemde kritiek stelt The Lancet – LIDC dit najaar in een rapport voor om 5 principes te formuleren waarop een samenhangend ontwikkelingsbeleid gebaseerd kan worden, namelijk holisme, rechtvaardigheid, duurzaamheid, ‘ownership’ en internationale verantwoordelijkheid. Door internationaal alleen de basisprincipes af te spreken voor een nieuw ontwikkelingsbeleid wordt de mogelijkheid gecreëerd voor regio’s, landen en organisaties om een eigen invulling te geven aan de toekomst. Zodat er juist bij hun een groter gevoel van ‘ownership’ ontstaat!
Het is van belang om nog een keer te benadrukken dat het verbeteren van de omstandigheden in de wereld een verantwoordelijkheid is van ons allemaal. Landen zeggen vaak veel geld toe voor ontwikkelingssamenwerking, maar komen de verplichtingen niet na, dat moet afgelopen zijn. Een holistische aanpak, waarbij alles in zijn samenhang bekeken wordt, zal daarbij niet alleen zorgen dat er meer samenhang zal ontstaan, maar je kunt ook een synergie creëren. Dit biedt kansen in de toekomst die we tot nu toe niet hebben benut. Door rechtvaardigheid als basis te kiezen van het beleid wordt niet alleen de structurele armoede aangekaart, maar ook de structurele ongelijkheid tussen en in landen. Met de principes en de aanpak die het rapport voorstelt wordt er een beter alternatief geboden voor de toekomst. De toekomst na 2015 zal er dan ook een zijn zonder de millenniumdoelen.
Deze tekst is uitgesproken op dinsdag 7 december tijdens de Zuid-Noordcommissie te Den Haag.
dinsdag 23 november 2010
Democratisering in Afrika: Kijk voorbij vrije en eerlijke verkiezingen!
Als we vanuit de westerse wereld naar Afrika kijken met de bril op van democratie, dan vragen we ons alleen af of er wel vrije en eerlijke verkiezingen worden gehouden. In de landen waar nog geen vorm van democratie is, wordt de vraag gesteld of democratie wel de ontwikkeling van landen bevordert. Met deze twee visies moet afgerekend worden. Sociale en politieke rechten bevorderen eerder economische ontwikkeling dan dat ze die verstoren, maar vrije en eerlijke verkiezingen zijn niks waard als de ’trias politica’ en de ‘checks and balances’ niet functioneren.
Wat moet je met democratie, als je in extreme armoede leeft? Je hebt behoefte aan voedsel en schoon drinkwater en niet aan democratie! Juist doormiddel van politieke en sociale vrijheden kunnen de burgers die in extreme armoede leven, hun problemen aan de orde stellen. Aangezien politici in een functionerende democratie afhankelijk zijn van deze burgers is er een ‘incentive’ om de problematiek aan te pakken. In het proces om te komen tot succesvol beleid zijn politieke en sociale vrijheden ook van belang. Belangenafweging is namelijk cruciaal om tot beleid te komen dat in het algemeen belang is. Het is dan wel van belang dat burgers de mogelijkheden van de democratie met beide handen grijpen. Zonder de actieve participatie van burgers is de democratie vleugellam. Als burgers wel extreme hongersnood aankaarten, maar niet analfabetisme en structurele ondervoeding van kinderen dan is de kans groot in jonge democratieën dat er geen aandacht voor zal zijn.
Op het moment dat burgers niet zelf aan de bel trekken over de problemen in het land dan zal iemand anders het moeten doen. Hier spelen lokale NGO’s een belangrijke rol. Zij zullen de problemen intern moeten aankaarten bij de politici. Daardoor worden de lacunes opgevuld. Deze NGO´s zullen dan ook gesteund moeten worden, zodat doormiddel van druk van binnenuit zaken op de agenda van de politiek komen.
In landen waar een democratie ingevoerd is meten we democratie af aan de verkiezingen die gehouden worden in een land. We schreeuwen moord en brand als deze niet eerlijk verlopen, maar zwijgen wij het stil als het politieke systeem niet functioneert. Hoe kortzichtig kun je zijn?! Bij bestudering van de meeste Afrikaanse democratieën blijkt dat de macht voornamelijk ligt bij de uitvoerende macht (president) en dat er te weinig instrumenten voor de wetgevende macht zijn om te controleren en invloed uit te oefenen op beleid. Daarnaast zie je vaak dat de president rechters mag benoemen. Dit bevordert een neutrale rechterlijke macht niet.
In landen waar deze structurele problemen bestaan zal het weinig effect hebben als je parlementariërs en rechters gaat trainen. Er is dus meer nodig. Jonge democratieën zullen aangemoedigd, en zo nodig onder druk gezet moeten worden, om hun systeem verder te ontwikkelen. De VN kan daar een belangrijke rol in spelen, want de geloofwaardigheid van de westerse landen is niet groot op het terrein van democratisering. Volgens velen wordt er door westerse landen vrij willekeurig op basis van eigen belangen aangedrongen op democratisering. Druk van binnenuit alleen zal aan de andere kant waarschijnlijk niet voldoende zijn, daarom kan de VN hierbij een belangrijke rol spelen.
Afrikaanse landen zullen door de internationale gemeenschap en NGO’s aangemoedigd moeten worden om politieke en sociale vrijheden te creëren voor hun burgers. Na vrije en eerlijke verkiezingen zal het proces beginnen naar een volwaardige democratische rechtstaat. De weg is lang en voor elk land leidt die weg naar een andere invulling van een democratische rechtstaat op basis van de culturele achtergrond van het land.
Wat moet je met democratie, als je in extreme armoede leeft? Je hebt behoefte aan voedsel en schoon drinkwater en niet aan democratie! Juist doormiddel van politieke en sociale vrijheden kunnen de burgers die in extreme armoede leven, hun problemen aan de orde stellen. Aangezien politici in een functionerende democratie afhankelijk zijn van deze burgers is er een ‘incentive’ om de problematiek aan te pakken. In het proces om te komen tot succesvol beleid zijn politieke en sociale vrijheden ook van belang. Belangenafweging is namelijk cruciaal om tot beleid te komen dat in het algemeen belang is. Het is dan wel van belang dat burgers de mogelijkheden van de democratie met beide handen grijpen. Zonder de actieve participatie van burgers is de democratie vleugellam. Als burgers wel extreme hongersnood aankaarten, maar niet analfabetisme en structurele ondervoeding van kinderen dan is de kans groot in jonge democratieën dat er geen aandacht voor zal zijn.
Op het moment dat burgers niet zelf aan de bel trekken over de problemen in het land dan zal iemand anders het moeten doen. Hier spelen lokale NGO’s een belangrijke rol. Zij zullen de problemen intern moeten aankaarten bij de politici. Daardoor worden de lacunes opgevuld. Deze NGO´s zullen dan ook gesteund moeten worden, zodat doormiddel van druk van binnenuit zaken op de agenda van de politiek komen.
In landen waar een democratie ingevoerd is meten we democratie af aan de verkiezingen die gehouden worden in een land. We schreeuwen moord en brand als deze niet eerlijk verlopen, maar zwijgen wij het stil als het politieke systeem niet functioneert. Hoe kortzichtig kun je zijn?! Bij bestudering van de meeste Afrikaanse democratieën blijkt dat de macht voornamelijk ligt bij de uitvoerende macht (president) en dat er te weinig instrumenten voor de wetgevende macht zijn om te controleren en invloed uit te oefenen op beleid. Daarnaast zie je vaak dat de president rechters mag benoemen. Dit bevordert een neutrale rechterlijke macht niet.
In landen waar deze structurele problemen bestaan zal het weinig effect hebben als je parlementariërs en rechters gaat trainen. Er is dus meer nodig. Jonge democratieën zullen aangemoedigd, en zo nodig onder druk gezet moeten worden, om hun systeem verder te ontwikkelen. De VN kan daar een belangrijke rol in spelen, want de geloofwaardigheid van de westerse landen is niet groot op het terrein van democratisering. Volgens velen wordt er door westerse landen vrij willekeurig op basis van eigen belangen aangedrongen op democratisering. Druk van binnenuit alleen zal aan de andere kant waarschijnlijk niet voldoende zijn, daarom kan de VN hierbij een belangrijke rol spelen.
Afrikaanse landen zullen door de internationale gemeenschap en NGO’s aangemoedigd moeten worden om politieke en sociale vrijheden te creëren voor hun burgers. Na vrije en eerlijke verkiezingen zal het proces beginnen naar een volwaardige democratische rechtstaat. De weg is lang en voor elk land leidt die weg naar een andere invulling van een democratische rechtstaat op basis van de culturele achtergrond van het land.
vrijdag 5 november 2010
It gets better
Alweer een tijdje geleden kreeg ik te horen dat er de laatste tijd veel meldingen waren van homo-jongeren in Amerika die zelfmoord hadden gepleegd, omdat ze gepest, getreiterd, uitgescholden of mishandeld werden door klasgenoten. Deze jongeren zagen het leven niet zitten, in hun ogen zou het leven nooit beter worden...
In Nederland ligt het aantal homo-jongeren die zelfmoord overwegen aanzienlijk hoger dan bij hetero-jongeren, dus ook in Nederland bestaat dit probleem(Bron: SCP).
In Amerika bestaat het project "It gets better", die homo-jongeren hoop probeert te geven op een beter leven. Dit mooie project heeft ook de steun gekregen van President Obama. Hieronder zijn boodschap.
Daarnaast kwam ik een video tegen op youtube van een raadslid uit Fort Worth, die aan de hand van zijn eigen leven jongeren de boodschap probeert te brengen dat het leven beter wordt. Het is een onroerende speech.
Zelf heb ik nooit het gevoel gehad dat het leven geen zin meer had, maar ik zou tegen alle jonge homo's willen zeggen:"It gets better".
In Nederland ligt het aantal homo-jongeren die zelfmoord overwegen aanzienlijk hoger dan bij hetero-jongeren, dus ook in Nederland bestaat dit probleem(Bron: SCP).
In Amerika bestaat het project "It gets better", die homo-jongeren hoop probeert te geven op een beter leven. Dit mooie project heeft ook de steun gekregen van President Obama. Hieronder zijn boodschap.
Daarnaast kwam ik een video tegen op youtube van een raadslid uit Fort Worth, die aan de hand van zijn eigen leven jongeren de boodschap probeert te brengen dat het leven beter wordt. Het is een onroerende speech.
Zelf heb ik nooit het gevoel gehad dat het leven geen zin meer had, maar ik zou tegen alle jonge homo's willen zeggen:"It gets better".
woensdag 30 juni 2010
Badwater
Bezuinigen op homo-emancipatie is kind met het badwater weggooien
Vorige week kwam het SCP-rapport “Steeds gewoner, nooit gewoon” uit over de acceptatie van homoseksualiteit in Nederland. Over de hele linie genomen blijkt dat de acceptatie van homoseksuelen groter is geworden, maar onder een aantal groepen is het nog steeds problematisch. Een van die groepen zijn de jongeren. Een op de tien jongens wil niet bevriend zijn met een homo. De helft van de jongeren vinden het vies als twee jongens zoenen. En een op de drie jongeren denkt dat het niet veilig is om op school eerlijk te zijn over je homoseksualiteit.
Als we er voor willen zorgen dat homoseksuelen, biseksuelen en lesbiennes in de toekomst veilig voor hun seksualiteit uit kunnen komen, zullen we vooral ons beleid op jongeren moeten richten. Met de subsidie van voormalig minister Ronald Plasterk aan een aantal gemeenten is men in 2008 in Maastricht begonnen met een project waarbij verbetering van de acceptatie van homoseksualiteit op scholen centraal staat, een fantastisch project dat met dezelfde regeling ook in Heerlen is gestart in 2009. In 2011 loopt die subsidieregeling af. Grote bezuinigingen komen op Maastricht af vanwege de economische crisis. Zonder een landelijke subsidie dreigt er dan ook weinig tot geen budget over te blijven voor homo-emancipatiebeleid, dat mag niet gebeuren!
Een serieuze kandidaat voor Culturele Hoofdstad 2018 kan natuurlijk niet zonder een serieus homo-emancipatiebeleid. Samen met de grote steden, de provincie en belangenorganisaties zal er gewerkt moeten worden aan een veilige leefomgeving voor iedereen. Dit begint bij jongeren, maar binnen andere groepen zoals orthodox religieuze groepen valt ook nog veel werk te doen.
In de afgelopen jaren is er door de gemeente, scholen en COC in Maastricht een begin gemaakt met het verbeteren van de acceptatie van homoseksualiteit onder jongeren. Laten we dit beleid voortzetten en versterken door samenwerking in de regio en niet het kind met het badwater weggooien!
Vorige week kwam het SCP-rapport “Steeds gewoner, nooit gewoon” uit over de acceptatie van homoseksualiteit in Nederland. Over de hele linie genomen blijkt dat de acceptatie van homoseksuelen groter is geworden, maar onder een aantal groepen is het nog steeds problematisch. Een van die groepen zijn de jongeren. Een op de tien jongens wil niet bevriend zijn met een homo. De helft van de jongeren vinden het vies als twee jongens zoenen. En een op de drie jongeren denkt dat het niet veilig is om op school eerlijk te zijn over je homoseksualiteit.
Als we er voor willen zorgen dat homoseksuelen, biseksuelen en lesbiennes in de toekomst veilig voor hun seksualiteit uit kunnen komen, zullen we vooral ons beleid op jongeren moeten richten. Met de subsidie van voormalig minister Ronald Plasterk aan een aantal gemeenten is men in 2008 in Maastricht begonnen met een project waarbij verbetering van de acceptatie van homoseksualiteit op scholen centraal staat, een fantastisch project dat met dezelfde regeling ook in Heerlen is gestart in 2009. In 2011 loopt die subsidieregeling af. Grote bezuinigingen komen op Maastricht af vanwege de economische crisis. Zonder een landelijke subsidie dreigt er dan ook weinig tot geen budget over te blijven voor homo-emancipatiebeleid, dat mag niet gebeuren!
Een serieuze kandidaat voor Culturele Hoofdstad 2018 kan natuurlijk niet zonder een serieus homo-emancipatiebeleid. Samen met de grote steden, de provincie en belangenorganisaties zal er gewerkt moeten worden aan een veilige leefomgeving voor iedereen. Dit begint bij jongeren, maar binnen andere groepen zoals orthodox religieuze groepen valt ook nog veel werk te doen.
In de afgelopen jaren is er door de gemeente, scholen en COC in Maastricht een begin gemaakt met het verbeteren van de acceptatie van homoseksualiteit onder jongeren. Laten we dit beleid voortzetten en versterken door samenwerking in de regio en niet het kind met het badwater weggooien!
woensdag 23 juni 2010
Transparant
Deze week werd in de commissie stadsontwikkeling de jaarrekening besproken. De bespreking van de Jaarrekening is een cruciaal moment voor de controlerende taak van de gemeenteraad. Het is het moment waarop de gemeenteraad de prestaties kan beoordelen van het voorgaande jaar, lering kan trekken uit het verleden en de consequenties voor het toekomstige beleid kan bepalen.
De programma’s over stadsontwikkeling en wonen worden sterk beïnvloed door de demografische ontwikkeling en de economische krimp. Bij de inrichting van onze stad moet voortdurend rekening worden gehouden welke effecten demografische, economische en sociaal-maatschappelijke ontwikkelingen hebben op de toekomst van onze stad.
De bouwsector is een van de sectoren die naast de bankensector het hardst getroffen is door de huidige crisis. Woningcorporaties , projectontwikkelaars en aannemers ondervinden in het hele land problemen. Sommigen van hen zijn ernstig in de problemen gekomen in 2009 en anderen gaan onzekere tijden tegemoet in 2010. In dit licht lijken de problemen in Maastricht nog te overzien. Dit betekent niet dat het gevaar geweken is. Het economische herstel is namelijk nog fragiel.
Het is daarom van groot belang dat de raad op de hoogte is van de risico’s van grote projecten. Zoals het college al eens heeft gezegd is het niet in het belang van de projecten dat alles openbaar wordt, en daarom zou de raad regelmatig vertrouwelijk geïnformeerd moeten worden over de stedelijke projecten o.a. over de risico’s. Voor zover dat mogelijk, is behoort het debat natuurlijk publiekelijk gevoerd te worden. Het vertrouwelijk informeren van de raad is alleen bedoeld als een ‘last resort’, want de toekomst van de stad gaat niet alleen de raad aan, maar vooral de burgers van de stad.
Transparantie tussen college en raad versterkt uiteindelijk de raad in zijn kaderstellende en controlerende taken. Wat betreft de controlerende taak van de gemeenteraad is de jaarrekening een cruciaal stuk waarin de het college verantwoording aflegt over het gevoerde beleid van het voorgaande jaar. Uit de jaarrekening zelf zal dan ook over de hele breedte duidelijk moeten worden welke afgesproken prestaties niet/wel zijn gehaald.
Bij de huidige jaarrekening is dat niet altijd even duidelijk, dus daar moet verbetering in komen. Maar de raad kan ook zelf haar verantwoordelijkheid nemen en kiezen om de jaarrekening niet tegelijk met de kaderbrief te behandelen, zodat de jaarrekening de aandacht krijgt die het verdient. In het belang van de stad en de rol van de raad als de uiteindelijke controlerende macht op lokaal niveau.
Deze tekst is een aangepaste versie van mijn bijdrage in de commissie stadsontwikkeling. Klik hier voor de tekst van de bijdrage.
De programma’s over stadsontwikkeling en wonen worden sterk beïnvloed door de demografische ontwikkeling en de economische krimp. Bij de inrichting van onze stad moet voortdurend rekening worden gehouden welke effecten demografische, economische en sociaal-maatschappelijke ontwikkelingen hebben op de toekomst van onze stad.
De bouwsector is een van de sectoren die naast de bankensector het hardst getroffen is door de huidige crisis. Woningcorporaties , projectontwikkelaars en aannemers ondervinden in het hele land problemen. Sommigen van hen zijn ernstig in de problemen gekomen in 2009 en anderen gaan onzekere tijden tegemoet in 2010. In dit licht lijken de problemen in Maastricht nog te overzien. Dit betekent niet dat het gevaar geweken is. Het economische herstel is namelijk nog fragiel.
Het is daarom van groot belang dat de raad op de hoogte is van de risico’s van grote projecten. Zoals het college al eens heeft gezegd is het niet in het belang van de projecten dat alles openbaar wordt, en daarom zou de raad regelmatig vertrouwelijk geïnformeerd moeten worden over de stedelijke projecten o.a. over de risico’s. Voor zover dat mogelijk, is behoort het debat natuurlijk publiekelijk gevoerd te worden. Het vertrouwelijk informeren van de raad is alleen bedoeld als een ‘last resort’, want de toekomst van de stad gaat niet alleen de raad aan, maar vooral de burgers van de stad.
Transparantie tussen college en raad versterkt uiteindelijk de raad in zijn kaderstellende en controlerende taken. Wat betreft de controlerende taak van de gemeenteraad is de jaarrekening een cruciaal stuk waarin de het college verantwoording aflegt over het gevoerde beleid van het voorgaande jaar. Uit de jaarrekening zelf zal dan ook over de hele breedte duidelijk moeten worden welke afgesproken prestaties niet/wel zijn gehaald.
Bij de huidige jaarrekening is dat niet altijd even duidelijk, dus daar moet verbetering in komen. Maar de raad kan ook zelf haar verantwoordelijkheid nemen en kiezen om de jaarrekening niet tegelijk met de kaderbrief te behandelen, zodat de jaarrekening de aandacht krijgt die het verdient. In het belang van de stad en de rol van de raad als de uiteindelijke controlerende macht op lokaal niveau.
Deze tekst is een aangepaste versie van mijn bijdrage in de commissie stadsontwikkeling. Klik hier voor de tekst van de bijdrage.
vrijdag 28 mei 2010
Hoorzitting over de Maastrichtse woningmarkt - een eerste succes.
Deze dinsdag had ik de eerste vergadering van de commissie Stadsontwikkeling als burgerlid namens de PvdA. Spannend, aangezien Frans Bastiaens (PvdA raadslid) die samen met mij in de commissie zit niet aanwezig kon zijn. Ik moest het dus alleen doen. Er stonden een aantal dossiers op de agenda zoals de woonwagenlocatie Maastrichterweg en het bestemmingsplan Maastricht Centraal.
Iets wat niet op de agenda stond was het verzoek van de PvdA, van Frans en ik, om een hoorzitting over de Maastrichtse woningmarkt te organiseren. (zie hier)
Na de bezorgde signalen van buurtbewoners, experts en de wethouder over de grootschalige verkoop van woningen door Servatius willen wij namelijk meer weten over de effecten van het beleid van de woningcorporaties op de stad. Maastricht staat namelijk voor de uitdaging om de stad aantrekkelijk te houden voor nieuwe bewoners in spe. Hoe richten we onze stad in? Op welke manier kunnen woningcorporaties hun beleid met de gemeente afstemmen? En hoe zorgen we ervoor dat de voorraad sociale woningbouw niet onder druk komt te staan? Allemaal relevante vragen die in de komende tijd beantwoord moeten worden, maar zo zijn er nog zovele vragen te stellen over de toekomst van de Maastrichtse woningmarkt.
Aan het begin van de vergadering stelde de voorzitter van de commissie stadsontwikkeling, John Aarts van de VVD, voor om het verzoek te behandelen aan het eind van de vergadering. Eenmaal bij het punt aanbeland gingen alle partijen niet alleen akkoord, maar dachten zij direct ook mee over hoe we inhoud kunnen geven aan de hoorzitting. Erg positief dus! Nu zorgen dat de hoorzitting zo spoedig mogelijk georganiseerd kan worden!
Iets wat niet op de agenda stond was het verzoek van de PvdA, van Frans en ik, om een hoorzitting over de Maastrichtse woningmarkt te organiseren. (zie hier)
Na de bezorgde signalen van buurtbewoners, experts en de wethouder over de grootschalige verkoop van woningen door Servatius willen wij namelijk meer weten over de effecten van het beleid van de woningcorporaties op de stad. Maastricht staat namelijk voor de uitdaging om de stad aantrekkelijk te houden voor nieuwe bewoners in spe. Hoe richten we onze stad in? Op welke manier kunnen woningcorporaties hun beleid met de gemeente afstemmen? En hoe zorgen we ervoor dat de voorraad sociale woningbouw niet onder druk komt te staan? Allemaal relevante vragen die in de komende tijd beantwoord moeten worden, maar zo zijn er nog zovele vragen te stellen over de toekomst van de Maastrichtse woningmarkt.
Aan het begin van de vergadering stelde de voorzitter van de commissie stadsontwikkeling, John Aarts van de VVD, voor om het verzoek te behandelen aan het eind van de vergadering. Eenmaal bij het punt aanbeland gingen alle partijen niet alleen akkoord, maar dachten zij direct ook mee over hoe we inhoud kunnen geven aan de hoorzitting. Erg positief dus! Nu zorgen dat de hoorzitting zo spoedig mogelijk georganiseerd kan worden!
Abonneren op:
Posts (Atom)