vrijdag 6 april 2012

Illegalen op het MBO; een duivels dilemma voor minister Van Bijsterveldt?

Deze week werd bekend dat de gemeente Amsterdam illegale jongeren die een MBO opleiding volgen een stage gaat aanbieden. Dat mag niet volgens minister Kamp. Volgens de wet is een stage namelijk werk en mensen zonder een verblijfsvergunning mogen niet werken. Dit heeft tot gevolg dat deze jongeren de opleiding nooit kunnen afsluiten met een diploma. Dat terwijl de minister van onderwijs juist zoveel mogelijk jongeren met een diploma van school wil laten vertrekken. Is dit een duivels dilemma voor minister Van Bijsterveldt?

Het recht van illegale jongeren om onderwijs te volgen, terwijl ze in Nederland zijn, vloeit voort uit internationale verdragen. Door de stage als werk te betitelen kunnen deze jongeren niet ten volle gebruik maken van hun recht. Het Europees recht met betrekking tot het vrije verkeer van personen kent een belangrijke rechtsregel dat wanneer nationale regelgeving er toe leidt dat burgers niet ten volle gebruik kunnen maken van hun recht dat die nationale rechtsregel buiten toepassing gelaten moet worden. Het mag dan wel zo zijn dat Europees recht in deze gevallen niet van toepassing is, maar de rechtsregel is een algemeen geaccepteerd rechtsbeginsel in gevallen dat nationale (lees: lagere) wetgeving botst met al dan niet Europese (lees: hogere) fundamentele rechtsbeginselen en mensenrechten. De Raad van State is deze mening ook toegedaan. Volgens de Raad is de stage een onderdeel van de opleiding en geen werk.

Saillant detail is dat minister Van Bijsterveldt in de Tweede Kamer heeft gezegd dat zij vond dat illegalen jongeren de mogelijkheid moesten hebben om een stage te doen in het kader van hun opleiding. Zij zou gaan uitzoeken hoe zij dit mogelijk kon maken. Dit zei ze op 3 december 2010 toen er door de meerderheid van de kamer een motie werd gesteund om stages voor illegale jongeren mogelijk te maken.

Gisteren zei Van Bijsterveldt heel wat anders na de ministerraad. Volgens haar was een stage werk en daarmee verboden voor illegale jongeren. Een draai van 180 graden. Kennelijk voelde de minister helemaal geen dilemma en komt zij heel gemakkelijk terug op haar woorden. Zou zij even gemakkelijk ook weer terugkomen op haar woorden na de ministerraad nu zij kennis heeft van de opvatting van de Raad van State? Waarom niet?! Drie keer is scheepsrecht!

Update: 21-jarige wint zaak van de staat; illegaal heeft recht op onderwijs. Klik hier voor meer.

maandag 2 april 2012

Het illegalenquotum van het kabinet is onwenselijk en onzinnig

Begin deze maand heeft het kabinet resultaatafspraken gemaakt met de politieleiding over het oppakken van illegale asielzoekers. In de afspraken is vastgelegd dat de politie over 2012 4800 illegalen zal moeten oppakken. Dit is een stijging van 10% ten opzichte van 2010 en een stijging van 35% ten opzichte van 2011. In de resultaatafspraken die het kabinet heeft gemaakt met de politieleiding wordt niet uitgesloten dat men niet-criminele illegalen zal oppakken.

Tot op heden werd alleen prioriteit gegeven aan criminele illegalen en die aantallen zijn flink aan het dalen. Het is dus onontkoombaar dat men niet-criminele illegalen zal moeten oppakken om het quotum te halen. Nu hebben 8 burgemeesters zoals de burgemeesters in Almere, Den Haag en Arnhem zich verzet tegen de uitvoering van het quotum. Volgens hen is het quotum onwenselijk en onzinnig. Zij willen daarom geen prioriteit geven aan het oppakken van niet-criminele illegalen. Daar hebben de politiebond ACP en Kerk in actie zich bij aangesloten.

En gelijk hebben ze! Eerst schaft het huidige kabinet het bonnenquotum af, omdat men niet wil dat er bonnen worden uitgeschreven alleen maar omdat de politie het quotum nog moet halen en daarna maakt het kabinet opeens afspraken met de politie om een quotum in te voeren om illegalen op te pakken. Het zou volgens mij niet de bedoeling moeten zijn dat men jacht gaat maken op illegalen alleen maar omdat het quotum nog niet gehaald is. Dat zou een nog kwalijkere zaak zijn dan een bonnenquotum.

Daarnaast draagt een illegalenquotum niet bij aan de veiligheid. In Maastricht is er al een tekort aan mankracht. Wat mij betreft zouden juist zaken zoals de bestrijding van drugsrunners en de verbetering van veiligheid in wijken prioriteit moeten hebben. Ik heb daarom vragen aan de burgemeester gesteld om te weten te komen in hoeverre hij uitvoering zal geven aan het illegalenquotum van het kabinet. In de commissievergadering van Algemene Zaken & Middelen op 4 april zal de burgemeester antwoord geven op de vragen.

Update (06-04): In een schriftelijke reactie heeft burgemeester Hoes gezegd dat hij geen prioriteit zal geven aan het oppakken van niet-criminele illegalen. Lees hier meer: http://maastricht.dichtbij.nl/stad/hoes-geen-heksenjacht-niet-criminele-illegalen

dinsdag 6 maart 2012

Het is tijd voor een nieuw studentenbeleid in Maastricht!

Twaalf jaar geleden is het dat de laatste nota over student en stad is vastgesteld. Onderhand is Maastricht en de universiteit enorm veranderd. De universiteit is groter geworden en internationaler. Dit heeft allerlei consequenties voor de samenleving in Maastricht. Gisteren werd hierover voor het eerst in tijden gedebatteerd tijdens een lagerhuisdebat in Kumulus.

Tijd voor nieuw beleid dus! Maar niet voordat er gesproken is met de belanghebbenden. De politiek moet niet over studenten en bewoners praten, maar met hen. Het gebeurt ook nog te vaak dat studenten en andere bewoners vooral over elkaar praten. Dat zet geen zoden aan de dijk, daarom moeten universiteit, buurtplatforms, studenten(verenigingen) en politiek de dialoog aangaan. Hierdoor kan er gezocht worden naar een consensus over hoe de stad omgaat met een groeiende internationale universiteit.

Naar mijn mening zal er daarom een raadsconferentie georganiseerd moeten worden. De politiek zal van incidentenbeleid naar integraal beleid moeten gaan waarbij belanghebbenden zijn gehoord.

foto: www.maastrichtaktueel.nl

donderdag 16 februari 2012

De verkoop van huurwoningen en derivaten in Maastricht

Afgelopen dinsdag werd er in de commissie stadsontwikkeling een presentatie gegeven door de drie Maastrichtse woningcorporaties. Aanleiding was een motie van de PvdA waarin de corporaties werden opgeroepen om bij het verkopen van huurwoningen gebruik te maken van de koopgarantregeling. Deze regeling houdt in dat de koper een forse korting op de koopprijs krijgt en de corporatie een terugkooprecht heeft. Aan de ene kant maakt dit koop mogelijk voor lage middeninkomens zonder dat zij extra geld lenen. Aan de andere kant ontstaan er geen problemen bij herstructurering van wijken met versplinterd bezit.

Volgens de corporaties zorgt het toepassen van koopgarant ervoor dat ze substantieel minder investeringsvermogen hebben voor de verbetering van wijken. Een begrijpelijke reden om de regeling niet toe te passen, maar dan zullen er wel andere maatregelen genomen moeten worden om de koper te beschermen en te voorkomen dat ruimtelijk en kwalitatief gezien de verkeerde woningen worden verkocht. Daarnaast zal er ook oog moeten zijn voor de koopmarkt en voorkomen dat de verkoop van woningen leidt tot marktverstoring. De huizenprijzen staan namelijk al flink onder druk. De corporaties stellen dat door aan de ‘voorkant’ een afgewogen keuze te maken welke woningen in de verkoop gezet worden en de strenge hypotheekregels voorkomen wordt dat er problemen ontstaan door de verkoop.

Tijdens de commissievergadering werd ook duidelijk dat de corporaties, nadat eerder in reactie op mijn vragen de wethouder zich tegen het recht op koop had uitgesproken, zich ook zullen verzetten tegen het voorstel van het kabinet. Het zal namelijk er toe leiden dat er niet, zoals nu, 250 000 woningen te koop zullen staan, maar 2 miljoen, een kwart van het totale aantal woningen in Nederland. Dit zal leiden tot een extreme daling van de huizenprijzen. Herstructurering zal onmogelijk worden en de sociale huisvesting zal helemaal uitgekleed worden. Redenen voor de corporaties om alles er aan te doen om de het voorstel van het recht op koop te blokkeren. Via rechtzaken en als eigenaar. Ik ben erg blij dat ook de Maastrichtse corporaties zich aansluiten bij het verzet.

In de Maastrichtse politiek waren na het grote debacle bij Vestia zorgen gerezen over of de Maastrichtse corporaties ook derivaten in hun portefeuille hadden. Uit een schriftelijke reactie was vorige week al gebleken dat alleen Woonpunt en Servatius derivaten hebben, maar er geen handel mee drijven zoals Vestia deed. Maasvallei heeft er voor gekozen om alleen gebruik te maken van langlopende leningen met vaste rentes. In de vergadering heb ik duidelijk gemaakt dat ik blij ben dat de corporaties geen risicovolle activiteiten uitvoeren met betrekking tot derivaten, maar dat ik de grootste voorzichtigheid eis van de corporaties, want zoals superbelegger Warren Buffet al gezegd heeft; wanneer derivaten verkeerd ingezet worden dan kunnen het financiële massavernietigingswapens zijn. Het mag dan ook nooit zo zijn dat door het gebruik van derivaten de Maastrichtse volkshuisvesting in gevaar komt. Liever een beetje meer voorzichtigheid en wat minder geld, dan extra risico’s. De financiële situatie van corporaties en gemeente staan al genoeg onder druk.

zaterdag 29 oktober 2011

Voorkomen, beschermen en herbouwen

Komende maand komt een commissie onder leiding van hoogleraar en Eerste kamerlid Nico Schrijver met een resolutie Internationaal beleid. Dit doet de commissie op verzoek van het PvdA partijbestuur. De resolutie zal besproken worden tijdens het PvdA congres in januari. Deze belangwekkende resolutie komt op een cruciaal moment. Burgers voelen zich steeds vaker bedreigd door wat er van buiten komt. Internationale solidariteit komt steeds meer onder druk te staan. En de PvdA-fractie lijkt steeds meer toe te geven aan deze druk. Een schrijnend voorbeeld hiervan was de tegenbegroting van de PvdA. In plaats van de bezuiniging op ontwikkelingssamenwerking van het kabinet terug te draaien liet de fractie deze in stand.

Het is dus hoog tijd voor een resolutie internationaal beleid met een duidelijk sociaaldemocratisch geluid over internationale solidariteit in de huidige tijd. Hier hoef je niet lang naar te zoeken, want de VN heeft in 2005 een duidelijk signaal afgegeven door een nieuwe doctrine te omarmen, namelijk “the responsibility to protect”. Deze doctrine sluit perfect aan bij de waarden waar de PvdA voor staat. De doctrine spreekt ons als burgers en landen er op aan dat wij een verantwoordelijkheid hebben voor elkaar. Dat we voor elkaar behoren op te komen wanneer dat nodig is. Niet alleen wanneer het dreigt fout te gaan, maar ook om te voorkomen dat burgers in mensonterend situaties raken en de verantwoordelijkheid om samen met de burgers het land weer op te bouwen.

Soevereiniteit van landen is namelijk geen absoluut begrip. We kunnen burgers niet aan hun lot overlaten wanneer de overheid niet meer in staat is of zelfs onwillig is om zijn burgers te beschermen. Te vaak hebben we aan de zijlijn gestaan en staan we dat nog steeds, terwijl overheden zich tegen hun eigen volk keren of niet meer in staat zijn hun volk te beschermen tegen welk gevaar dan ook. Pas wanneer de schade al aangericht is, komen de internationale gemeenschap en medeburgers in actie. Op het moment dat het te laat is, de opbouw decennia gaat duren en dus de kosten het grootst zijn.

Wanneer we onze internationale solidariteit serieus nemen binnen de PvdA, zullen we onze verantwoordelijk moeten nemen om als internationale gemeenschap voor onze medeburgers waar ook ter wereld op te komen. Niet omdat wij vinden dat het nodig is om in te grijpen, maar omdat burgers over onze grenzen heen onze hulp nodig hebben en deze hulp ook willen.

dinsdag 26 juli 2011

We zijn allemaal AUF activisten

Het is maandagavond en we zijn op het terrein van Europacamp aan de Attersee in Oostenrijk. Hier zijn naar schatting 2500 jongeren van socialistische en sociaal-democratische partijen uit heel de wereld verzameld. We zijn op het IUSY world festival 2011.

Iedereen die al gearriveerd is heeft zich op deze eerste dag van het festival verzameld bij het hoofdpodium. Het is anders dan normaal, de vlaggen worden kalm in de lucht gehouden en de sfeer is timide. We hebben een kaars in onze handen die nog niet is aangestoken. Op de banner op de achterkant van het hoofdpodium staat: "Vandaag zijn we allemaal AUF activisten." AUF is de Noorse sociaal-democratische jongerenorganisatie waarvan zoveel leden die noodlottige vrijdagmiddag verzameld waren op het eiland waar meer dan 60 jongeren doodgeschoten zijn. Het was een van de organisaties die met 100 jongeren aanwezig zouden zijn op het festival hier in Oostenrijk. Veel van hen waren ook op het eiland aanwezig afgelopen vrijdag.

De verschrikkelijke gebeurtenissen in Noorwegen zijn de reden voor de ingetogen openingsceremonie van het festival, dat anders zo feestelijk begint. De ceremonie begint met een artiest die op zijn gitaar een aantal (voornamelijk Duitse) anti-fascistische liederen zingt.

De speeches die daarna worden gehouden zijn duidelijk en niet mis te verstaan. De aanval op de AUF jongeren is een aanval op ons allemaal. Het is een aanval op de waarden en normen waar wij voor staan als socialistische en sociaal-democratische partijen. We laten ons niet uit het veld slaan. We blijven strijden voor een eerlijke wereld gebaseerd op gelijkheid en solidariteit. We weten waar we vandaan komen en we weten waar we naartoe willen.

De kaarsen worden aangestoken en 'Bella ciao' wordt ingezet. Een anders zo strijdlustig Italiaans lied over de strijd tegen het fascisme, dat nu ingetogen wordt gezongen door de grote groep aanwezigen. Afsluitend wordt de Internationale uit volle borst meegezongen. Een uiting van de overtuiging dat iedereen nog even krachtig voor de idealen staat waarop een aanval is gepleegd.

De verschrikkelijke gebeurtenissen in Noorwegen zijn niet alleen een aanval op de waarden en normen van sociaal-democratische partijen. Het is een aanval op iedereen die staat voor een open democratie zonder discriminatie op welke grond dan ook. De Noorse premier zei dan ook alles toen hij als reactie op de terreurdaad zei: "Niemand kan ons tot zwijgen bombarderen. We zullen reageren met meer democratie en nog meer medemenselijkheid."

vrijdag 6 mei 2011

Een keurmerk zonder betekenis

De branchevereniging van leegstandsbeheerders heeft een keurmerk in het leven geroepen voor leegstandsbeheer (KLB). Leegstandsbeheerders die dit keurmerk willen krijgen moeten aan een gedragscode en aan een aantal vereisten voldoen. Dit klinkt allemaal erg positief. Maar wanneer je de voorwaarden en gedragscode van het keurmerk bekijkt, valt het behoorlijk tegen. Leegstandsbeheerders gaan grotendeels op dezelfde voet verder.

In maart schreef ik al over hoe leegstandsbeheerders de huurwet omzeilen (lees hier). Leegstandsbeheerders verhuren ruimtes in de panden door middel van een bruikleenovereenkomst. In deze overeenkomst staan bepalingen die inbreuk maken op de persoonlijke levenssfeer, daarnaast plegen de beheerders huisvredebreuk door de ruimtes te betreden zonder toestemming van de huurders. Om maar niet te spreken over de opzegtermijn van twee weken en bepalingen die huurders verbieden om met de pers of de politiek te praten.

Met de komst van een keurmerk zou je verwachten dat de positie van huurders zou verbeteren en de opzegtermijn verlengd zou worden, maar niets is minder waar. Het keurmerk is niet meer dan het vastleggen van de huidige praktijk. In plaats van duidelijke regels met betrekking tot huisvrede, respecteren van de persoonlijke levenssfeer en het verbieden van onnodige bepalingen, wordt er in twee A4tjes geschermd met vage termen en protocollen. Zo moet de leegstandsbeheerder de gedragscode “goed leegstandsbeheer” ondertekenen. Dit komt neer op vier basiswaarden: betrouwbaarheid, professionaliteit, maatschappelijke verantwoordelijkheid en transparantie. In de gedragscode komt men alleen niet verder dan een summiere beschrijving van een paar regels per basiswaarde. Over de inhoud van de protocollen blijft de gedragscode en de inspectielijst van het keurmerk ijzingwekkend stil.

Het voorgaande stemt niet gerust dat de branche volwassen genoeg is voor zelfregulering. Het keurmerk is juist een bewijs van onvermogen. Het is daarom de politiek die zal moeten pleiten voor strengere regels voor leegstandsbeheer en zolang de situatie niet verbetert zullen overheden hun leegstaande panden moeten verhuren door middel van tijdelijke verhuur, een vorm van verhuur waar huurders recht hebben op een halfjarig contract en een opzegtermijn van 3 maanden. Als de politiek niet ingrijpt, zullen leegstandsbeheerders gewoon op oude voet verder gaan.

Klik hier om de gedragscode en inspectielijst te bekijken.


Naar aanleiding van de beantwoording van het college van B en W heb ik namens de PvdA-fractie vervolgvragen gesteld over leegstandsbeheer (lees hier).