Bezuinigen op homo-emancipatie is kind met het badwater weggooien
Vorige week kwam het SCP-rapport “Steeds gewoner, nooit gewoon” uit over de acceptatie van homoseksualiteit in Nederland. Over de hele linie genomen blijkt dat de acceptatie van homoseksuelen groter is geworden, maar onder een aantal groepen is het nog steeds problematisch. Een van die groepen zijn de jongeren. Een op de tien jongens wil niet bevriend zijn met een homo. De helft van de jongeren vinden het vies als twee jongens zoenen. En een op de drie jongeren denkt dat het niet veilig is om op school eerlijk te zijn over je homoseksualiteit.
Als we er voor willen zorgen dat homoseksuelen, biseksuelen en lesbiennes in de toekomst veilig voor hun seksualiteit uit kunnen komen, zullen we vooral ons beleid op jongeren moeten richten. Met de subsidie van voormalig minister Ronald Plasterk aan een aantal gemeenten is men in 2008 in Maastricht begonnen met een project waarbij verbetering van de acceptatie van homoseksualiteit op scholen centraal staat, een fantastisch project dat met dezelfde regeling ook in Heerlen is gestart in 2009. In 2011 loopt die subsidieregeling af. Grote bezuinigingen komen op Maastricht af vanwege de economische crisis. Zonder een landelijke subsidie dreigt er dan ook weinig tot geen budget over te blijven voor homo-emancipatiebeleid, dat mag niet gebeuren!
Een serieuze kandidaat voor Culturele Hoofdstad 2018 kan natuurlijk niet zonder een serieus homo-emancipatiebeleid. Samen met de grote steden, de provincie en belangenorganisaties zal er gewerkt moeten worden aan een veilige leefomgeving voor iedereen. Dit begint bij jongeren, maar binnen andere groepen zoals orthodox religieuze groepen valt ook nog veel werk te doen.
In de afgelopen jaren is er door de gemeente, scholen en COC in Maastricht een begin gemaakt met het verbeteren van de acceptatie van homoseksualiteit onder jongeren. Laten we dit beleid voortzetten en versterken door samenwerking in de regio en niet het kind met het badwater weggooien!
woensdag 30 juni 2010
woensdag 23 juni 2010
Transparant
Deze week werd in de commissie stadsontwikkeling de jaarrekening besproken. De bespreking van de Jaarrekening is een cruciaal moment voor de controlerende taak van de gemeenteraad. Het is het moment waarop de gemeenteraad de prestaties kan beoordelen van het voorgaande jaar, lering kan trekken uit het verleden en de consequenties voor het toekomstige beleid kan bepalen.
De programma’s over stadsontwikkeling en wonen worden sterk beïnvloed door de demografische ontwikkeling en de economische krimp. Bij de inrichting van onze stad moet voortdurend rekening worden gehouden welke effecten demografische, economische en sociaal-maatschappelijke ontwikkelingen hebben op de toekomst van onze stad.
De bouwsector is een van de sectoren die naast de bankensector het hardst getroffen is door de huidige crisis. Woningcorporaties , projectontwikkelaars en aannemers ondervinden in het hele land problemen. Sommigen van hen zijn ernstig in de problemen gekomen in 2009 en anderen gaan onzekere tijden tegemoet in 2010. In dit licht lijken de problemen in Maastricht nog te overzien. Dit betekent niet dat het gevaar geweken is. Het economische herstel is namelijk nog fragiel.
Het is daarom van groot belang dat de raad op de hoogte is van de risico’s van grote projecten. Zoals het college al eens heeft gezegd is het niet in het belang van de projecten dat alles openbaar wordt, en daarom zou de raad regelmatig vertrouwelijk geïnformeerd moeten worden over de stedelijke projecten o.a. over de risico’s. Voor zover dat mogelijk, is behoort het debat natuurlijk publiekelijk gevoerd te worden. Het vertrouwelijk informeren van de raad is alleen bedoeld als een ‘last resort’, want de toekomst van de stad gaat niet alleen de raad aan, maar vooral de burgers van de stad.
Transparantie tussen college en raad versterkt uiteindelijk de raad in zijn kaderstellende en controlerende taken. Wat betreft de controlerende taak van de gemeenteraad is de jaarrekening een cruciaal stuk waarin de het college verantwoording aflegt over het gevoerde beleid van het voorgaande jaar. Uit de jaarrekening zelf zal dan ook over de hele breedte duidelijk moeten worden welke afgesproken prestaties niet/wel zijn gehaald.
Bij de huidige jaarrekening is dat niet altijd even duidelijk, dus daar moet verbetering in komen. Maar de raad kan ook zelf haar verantwoordelijkheid nemen en kiezen om de jaarrekening niet tegelijk met de kaderbrief te behandelen, zodat de jaarrekening de aandacht krijgt die het verdient. In het belang van de stad en de rol van de raad als de uiteindelijke controlerende macht op lokaal niveau.
Deze tekst is een aangepaste versie van mijn bijdrage in de commissie stadsontwikkeling. Klik hier voor de tekst van de bijdrage.
De programma’s over stadsontwikkeling en wonen worden sterk beïnvloed door de demografische ontwikkeling en de economische krimp. Bij de inrichting van onze stad moet voortdurend rekening worden gehouden welke effecten demografische, economische en sociaal-maatschappelijke ontwikkelingen hebben op de toekomst van onze stad.
De bouwsector is een van de sectoren die naast de bankensector het hardst getroffen is door de huidige crisis. Woningcorporaties , projectontwikkelaars en aannemers ondervinden in het hele land problemen. Sommigen van hen zijn ernstig in de problemen gekomen in 2009 en anderen gaan onzekere tijden tegemoet in 2010. In dit licht lijken de problemen in Maastricht nog te overzien. Dit betekent niet dat het gevaar geweken is. Het economische herstel is namelijk nog fragiel.
Het is daarom van groot belang dat de raad op de hoogte is van de risico’s van grote projecten. Zoals het college al eens heeft gezegd is het niet in het belang van de projecten dat alles openbaar wordt, en daarom zou de raad regelmatig vertrouwelijk geïnformeerd moeten worden over de stedelijke projecten o.a. over de risico’s. Voor zover dat mogelijk, is behoort het debat natuurlijk publiekelijk gevoerd te worden. Het vertrouwelijk informeren van de raad is alleen bedoeld als een ‘last resort’, want de toekomst van de stad gaat niet alleen de raad aan, maar vooral de burgers van de stad.
Transparantie tussen college en raad versterkt uiteindelijk de raad in zijn kaderstellende en controlerende taken. Wat betreft de controlerende taak van de gemeenteraad is de jaarrekening een cruciaal stuk waarin de het college verantwoording aflegt over het gevoerde beleid van het voorgaande jaar. Uit de jaarrekening zelf zal dan ook over de hele breedte duidelijk moeten worden welke afgesproken prestaties niet/wel zijn gehaald.
Bij de huidige jaarrekening is dat niet altijd even duidelijk, dus daar moet verbetering in komen. Maar de raad kan ook zelf haar verantwoordelijkheid nemen en kiezen om de jaarrekening niet tegelijk met de kaderbrief te behandelen, zodat de jaarrekening de aandacht krijgt die het verdient. In het belang van de stad en de rol van de raad als de uiteindelijke controlerende macht op lokaal niveau.
Deze tekst is een aangepaste versie van mijn bijdrage in de commissie stadsontwikkeling. Klik hier voor de tekst van de bijdrage.
vrijdag 28 mei 2010
Hoorzitting over de Maastrichtse woningmarkt - een eerste succes.
Deze dinsdag had ik de eerste vergadering van de commissie Stadsontwikkeling als burgerlid namens de PvdA. Spannend, aangezien Frans Bastiaens (PvdA raadslid) die samen met mij in de commissie zit niet aanwezig kon zijn. Ik moest het dus alleen doen. Er stonden een aantal dossiers op de agenda zoals de woonwagenlocatie Maastrichterweg en het bestemmingsplan Maastricht Centraal.
Iets wat niet op de agenda stond was het verzoek van de PvdA, van Frans en ik, om een hoorzitting over de Maastrichtse woningmarkt te organiseren. (zie hier)
Na de bezorgde signalen van buurtbewoners, experts en de wethouder over de grootschalige verkoop van woningen door Servatius willen wij namelijk meer weten over de effecten van het beleid van de woningcorporaties op de stad. Maastricht staat namelijk voor de uitdaging om de stad aantrekkelijk te houden voor nieuwe bewoners in spe. Hoe richten we onze stad in? Op welke manier kunnen woningcorporaties hun beleid met de gemeente afstemmen? En hoe zorgen we ervoor dat de voorraad sociale woningbouw niet onder druk komt te staan? Allemaal relevante vragen die in de komende tijd beantwoord moeten worden, maar zo zijn er nog zovele vragen te stellen over de toekomst van de Maastrichtse woningmarkt.
Aan het begin van de vergadering stelde de voorzitter van de commissie stadsontwikkeling, John Aarts van de VVD, voor om het verzoek te behandelen aan het eind van de vergadering. Eenmaal bij het punt aanbeland gingen alle partijen niet alleen akkoord, maar dachten zij direct ook mee over hoe we inhoud kunnen geven aan de hoorzitting. Erg positief dus! Nu zorgen dat de hoorzitting zo spoedig mogelijk georganiseerd kan worden!
Iets wat niet op de agenda stond was het verzoek van de PvdA, van Frans en ik, om een hoorzitting over de Maastrichtse woningmarkt te organiseren. (zie hier)
Na de bezorgde signalen van buurtbewoners, experts en de wethouder over de grootschalige verkoop van woningen door Servatius willen wij namelijk meer weten over de effecten van het beleid van de woningcorporaties op de stad. Maastricht staat namelijk voor de uitdaging om de stad aantrekkelijk te houden voor nieuwe bewoners in spe. Hoe richten we onze stad in? Op welke manier kunnen woningcorporaties hun beleid met de gemeente afstemmen? En hoe zorgen we ervoor dat de voorraad sociale woningbouw niet onder druk komt te staan? Allemaal relevante vragen die in de komende tijd beantwoord moeten worden, maar zo zijn er nog zovele vragen te stellen over de toekomst van de Maastrichtse woningmarkt.
Aan het begin van de vergadering stelde de voorzitter van de commissie stadsontwikkeling, John Aarts van de VVD, voor om het verzoek te behandelen aan het eind van de vergadering. Eenmaal bij het punt aanbeland gingen alle partijen niet alleen akkoord, maar dachten zij direct ook mee over hoe we inhoud kunnen geven aan de hoorzitting. Erg positief dus! Nu zorgen dat de hoorzitting zo spoedig mogelijk georganiseerd kan worden!
donderdag 15 april 2010
Mijn herinneringen aan Jean Jacobs
Vandaag neemt Jean Jacobs tijdens een receptie op het stadhuis afscheid als wethouder van deze stad. Na 8 jaar wethouder te zijn geweest en daarvoor 4 jaar fractievoorzitter van de PvdA stopt hij ermee.
Het was 4 à 5 jaar geleden toen ik Jean Jacobs voor het eerst ontmoette. Hij kwam toen op mij over als een afstandelijke bestuurder, een technocraat in plaats van een politicus. Ik was dus in eerste instantie niet zo gecharmeerd van hem.
Het was kort voor de verkiezingen van 2006 en ik had als voorzitter van Jonge Socialisten Maastricht overleg met onze vertegenwoordiger in het bestuur. Zij vertelde mij wat ze had meegemaakt tijdens een vergadering waar Jean Jacobs ook bij aanwezig was. Tijdens die vergadering had Jean Jacobs namelijk een briefje doorgeschoven, zoals dat wel vaker gaat tijdens vergaderingen. Op dat briefje stond volgens haar “Eigendom is diefstal”. Ik heb mij laten vertellen dat deze uitspraak afkomstig is van de Franse socialist Pierre-Joseph Proudhon (1809-1895). Uit die tekst sprak een baldadigheid die mij wel aansprak. Deze baldadigheid of dwarsheid, hoe je het ook wil noemen, toonde hij ook vorige week in de Limburger.
De jaren daarna heb ik Jean Jacobs steeds beter leren kennen. Als wethouder was hij het liefst zakelijk en rustig, want dat hoort bij je rol als bestuurder vond hij. Maar bij onderwerpen als de Sphinx borrelde het bij hem van binnen zo erg dat hij de emoties niet onder controle kon houden. Op die momenten werd hij vaak gecomplimenteerd dat hij zo gepassioneerd had gesproken. Juist die emoties die hij liever niet toonde, lieten zien dat hij het nog altijd om de juiste redenen deed.
Tijdens de afgelopen vier jaar stelde hij zich als wethouder heel duaal op. Op fractievergaderingen kwam hij amper, alleen als hij expliciet werd uitgenodigd door de fractie. De wethouder en de fractie waren het daardoor ook niet altijd met elkaar eens, maar dat paste binnen het duale systeem.
Veel mensen zullen Jean Jacobs gaan herinneren als de wethouder die van Maastricht culturele hoofdstad van Europa 2018 wilde maken en daarin ambitieus te werk ging. Zelf zal ik hem herinneren als een bestuurder die vooral een PvdA'er was bij wie je altijd langs kon komen voor advies. Een bestuurder met het hart op de juiste plek. Een PvdA'er die op de buitenwereld overkwam als een technocraat, maar het niet was.
Het was 4 à 5 jaar geleden toen ik Jean Jacobs voor het eerst ontmoette. Hij kwam toen op mij over als een afstandelijke bestuurder, een technocraat in plaats van een politicus. Ik was dus in eerste instantie niet zo gecharmeerd van hem.
Het was kort voor de verkiezingen van 2006 en ik had als voorzitter van Jonge Socialisten Maastricht overleg met onze vertegenwoordiger in het bestuur. Zij vertelde mij wat ze had meegemaakt tijdens een vergadering waar Jean Jacobs ook bij aanwezig was. Tijdens die vergadering had Jean Jacobs namelijk een briefje doorgeschoven, zoals dat wel vaker gaat tijdens vergaderingen. Op dat briefje stond volgens haar “Eigendom is diefstal”. Ik heb mij laten vertellen dat deze uitspraak afkomstig is van de Franse socialist Pierre-Joseph Proudhon (1809-1895). Uit die tekst sprak een baldadigheid die mij wel aansprak. Deze baldadigheid of dwarsheid, hoe je het ook wil noemen, toonde hij ook vorige week in de Limburger.
De jaren daarna heb ik Jean Jacobs steeds beter leren kennen. Als wethouder was hij het liefst zakelijk en rustig, want dat hoort bij je rol als bestuurder vond hij. Maar bij onderwerpen als de Sphinx borrelde het bij hem van binnen zo erg dat hij de emoties niet onder controle kon houden. Op die momenten werd hij vaak gecomplimenteerd dat hij zo gepassioneerd had gesproken. Juist die emoties die hij liever niet toonde, lieten zien dat hij het nog altijd om de juiste redenen deed.
Tijdens de afgelopen vier jaar stelde hij zich als wethouder heel duaal op. Op fractievergaderingen kwam hij amper, alleen als hij expliciet werd uitgenodigd door de fractie. De wethouder en de fractie waren het daardoor ook niet altijd met elkaar eens, maar dat paste binnen het duale systeem.
Veel mensen zullen Jean Jacobs gaan herinneren als de wethouder die van Maastricht culturele hoofdstad van Europa 2018 wilde maken en daarin ambitieus te werk ging. Zelf zal ik hem herinneren als een bestuurder die vooral een PvdA'er was bij wie je altijd langs kon komen voor advies. Een bestuurder met het hart op de juiste plek. Een PvdA'er die op de buitenwereld overkwam als een technocraat, maar het niet was.
donderdag 18 maart 2010
Fatsoenlijk bestaan
Gisteren is bekend geworden dat Job Cohen de enige kandidaat is voor het lijsttrekkerschap van de PvdA. Ik ben zelf erg blij met zijn kandidatuur. Het is namelijk een man met draagvlak in alle delen van de Nederlandse bevolking en heeft daarmee de potentie om groepen die ver van elkaar staan op het moment dichter bij elkaar te brengen.
Echter een ding viel mij wel op tijdens zijn speech waarin hij aankondigde dat hij zich kandidaat stelde voor het lijsttrekkerschap. Hij nam namelijk ‘een fatsoenlijk bestaan’ als rode draad voor zijn verhaal. De nadruk hierop komt uit het beginselprogramma uit 2005 dat onder leiding van Wouter Bos is geschreven. In 2008 heb ik in “Wouter Bos slaat de plank totaal mis” al eerder kritiek gegeven op het gebruik van ‘een fatsoenlijk bestaan’ als leidraad voor politiek handelen. Mijn grootste kritiek was toen dat het karig en weinig ambitieus is als beginsel. “Fatsoen is het resultaat, niet van politieke of sociale strijd, maar van redelijk overleg tussen beschaafde mensen die allen in ongeveer dezelfde omstandigheden verkeren, elkaar respecteren en met rust laten” betoogde Jan Pronk al in zijn Den Uyl-lezing van 2007. Juist op het moment dat groepen steeds verder uit elkaar zijn komen te staan en respect ten opzichte van elkaar is verdwenen is fatsoen ontoereikend om te komen tot een maatschappij waar iedereen mee telt, een inclusieve maatschappij.
Fatsoen is iets wat ik juist associeer met het CDA in de zin van ‘fatsoen moet je doen’ en niet met de PvdA. Dat terwijl er juist een roep is binnen en buiten de partij om zich als dé progressieve partij van Nederland te profileren, met een nadruk op ‘fatsoen’ doe je dat niet.
Dinsdag jl. hield Prof. Arnold Heertje een pleidooi voor ‘de kwaliteit van het bestaan’ in De Wereld Draait Door. Op het eerste gezicht niet veel meer dan een ‘fatsoenlijk bestaan’. Echter het gaat verder dan dat. Het was in 1963 dat Joop den Uyl een essay schreef met de titel “De kwaliteit van het bestaan”. In die tijd maakte Nederland een enorme economische groei mee en de consumptiemaatschappij was een feit geworden. In het artikel waarschuwt hij voor een focus op verdere economische groei om armoede te laten verdwijnen in Nederland. Hij pleitte voor meer aandacht voor de algemene voorzieningen om zo de kwaliteit van leven te verbeteren in brede zin. Zodat kinderen kunnen opgroeien in een gelijkwaardige situatie en ouderen een kwalitatief leven kunnen leiden.
Nu we in een internationale crisis zitten en in de komende jaren 29 miljard structureel bezuinigd moet worden om te voorkomen dat de begrotingstekorten bij de overheid niet uit de hand lopen wordt het bewaken en zo mogelijk bevorderen van de kwaliteit van bestaan extra belangrijk. Juist nu moet bij keuzes niet de economische belangen prevaleren, maar de maatschappelijke keuzes. Hervormen gaat namelijk niet alleen om hoe je de overheidsfinanciën op orde brengt, maar om wat voor een samenleving je voor ogen hebt. Daarbij moet niet een fatsoenlijk bestaan voorop staan, maar een samenleving waar de kwaliteit van het bestaan voorop staat gebaseerd op gelijkwaardigheid en inclusiviteit.
In dit licht hoop ik dat de programmacommissie van de PvdA kiest voor een visie op Nederland waarin de kwaliteit van het bestaan voorop staat, een visie waarbij men kiest voor een Nederland waar iedereen mee telt, een visie waarmee “de boel bij elkaar” gehouden wordt.
Echter een ding viel mij wel op tijdens zijn speech waarin hij aankondigde dat hij zich kandidaat stelde voor het lijsttrekkerschap. Hij nam namelijk ‘een fatsoenlijk bestaan’ als rode draad voor zijn verhaal. De nadruk hierop komt uit het beginselprogramma uit 2005 dat onder leiding van Wouter Bos is geschreven. In 2008 heb ik in “Wouter Bos slaat de plank totaal mis” al eerder kritiek gegeven op het gebruik van ‘een fatsoenlijk bestaan’ als leidraad voor politiek handelen. Mijn grootste kritiek was toen dat het karig en weinig ambitieus is als beginsel. “Fatsoen is het resultaat, niet van politieke of sociale strijd, maar van redelijk overleg tussen beschaafde mensen die allen in ongeveer dezelfde omstandigheden verkeren, elkaar respecteren en met rust laten” betoogde Jan Pronk al in zijn Den Uyl-lezing van 2007. Juist op het moment dat groepen steeds verder uit elkaar zijn komen te staan en respect ten opzichte van elkaar is verdwenen is fatsoen ontoereikend om te komen tot een maatschappij waar iedereen mee telt, een inclusieve maatschappij.
Fatsoen is iets wat ik juist associeer met het CDA in de zin van ‘fatsoen moet je doen’ en niet met de PvdA. Dat terwijl er juist een roep is binnen en buiten de partij om zich als dé progressieve partij van Nederland te profileren, met een nadruk op ‘fatsoen’ doe je dat niet.
Dinsdag jl. hield Prof. Arnold Heertje een pleidooi voor ‘de kwaliteit van het bestaan’ in De Wereld Draait Door. Op het eerste gezicht niet veel meer dan een ‘fatsoenlijk bestaan’. Echter het gaat verder dan dat. Het was in 1963 dat Joop den Uyl een essay schreef met de titel “De kwaliteit van het bestaan”. In die tijd maakte Nederland een enorme economische groei mee en de consumptiemaatschappij was een feit geworden. In het artikel waarschuwt hij voor een focus op verdere economische groei om armoede te laten verdwijnen in Nederland. Hij pleitte voor meer aandacht voor de algemene voorzieningen om zo de kwaliteit van leven te verbeteren in brede zin. Zodat kinderen kunnen opgroeien in een gelijkwaardige situatie en ouderen een kwalitatief leven kunnen leiden.
Nu we in een internationale crisis zitten en in de komende jaren 29 miljard structureel bezuinigd moet worden om te voorkomen dat de begrotingstekorten bij de overheid niet uit de hand lopen wordt het bewaken en zo mogelijk bevorderen van de kwaliteit van bestaan extra belangrijk. Juist nu moet bij keuzes niet de economische belangen prevaleren, maar de maatschappelijke keuzes. Hervormen gaat namelijk niet alleen om hoe je de overheidsfinanciën op orde brengt, maar om wat voor een samenleving je voor ogen hebt. Daarbij moet niet een fatsoenlijk bestaan voorop staan, maar een samenleving waar de kwaliteit van het bestaan voorop staat gebaseerd op gelijkwaardigheid en inclusiviteit.
In dit licht hoop ik dat de programmacommissie van de PvdA kiest voor een visie op Nederland waarin de kwaliteit van het bestaan voorop staat, een visie waarbij men kiest voor een Nederland waar iedereen mee telt, een visie waarmee “de boel bij elkaar” gehouden wordt.
dinsdag 9 maart 2010
Bedankt en een blik vooruit
Deze week is de eerste volle week zonder campagne. Het voelde in eerste instantie vreemd aan, maar ook rustgevend. Nu kan ik rustig mijn achterstanden van de laatste weken in halen mbt mijn studie. Ik zeg misschien wel rustig, maar het is veel werk.
Vorige week was het voor PvdA Maastricht een teleurstellend resultaat, 7 zetels overgehouden van de 13 die wij hadden. Even leek het er op dat het maar 6 zetels zouden zijn, dat was een echte nekslag. Gelukkig bleek het later een fout te zijn. Met 7 zetels is de PvdA samen met het CDA de grootste, dat biedt perspectief voor een goede samenwerking. Echter dat zal afwachten worden, want de coalitie-onderhandelingen beginnen morgen pas. Een ding wil ik de onderhandelaars wel meegeven: Kies voor een groter college van B en W, want een college moet niet alleen besturen, maar ook in contact treden met de bevolking. Daarvoor had het huidige college van 4 wethouders weinig tijd. Dat moet nu anders dus!
Het resultaat betekent ook dat ik niet in de raad gekozen ben, erg jammer. Ook al was de PvdA niet populair in Maastricht toch gaven 66 burgers hun voorkeurstem aan mij. Hartstikke bedankt daarvoor! Eerlijk gezegd is het voor mij geen ramp dat ik niet in de raad ben gekozen, want ik heb nog een hele toekomst te gaan. Het is vooral jammer voor de hardwerkende PvdA'ers die in de raad zaten en er nu weer voor gingen zoals; Jean, Chris, Harie en George.
Nu is het tijd om vooruit te kijken en als PvdA te laten zien dat we onverminderd hard blijven strijden voor een Maastricht waar iedereen mee telt!
Vorige week was het voor PvdA Maastricht een teleurstellend resultaat, 7 zetels overgehouden van de 13 die wij hadden. Even leek het er op dat het maar 6 zetels zouden zijn, dat was een echte nekslag. Gelukkig bleek het later een fout te zijn. Met 7 zetels is de PvdA samen met het CDA de grootste, dat biedt perspectief voor een goede samenwerking. Echter dat zal afwachten worden, want de coalitie-onderhandelingen beginnen morgen pas. Een ding wil ik de onderhandelaars wel meegeven: Kies voor een groter college van B en W, want een college moet niet alleen besturen, maar ook in contact treden met de bevolking. Daarvoor had het huidige college van 4 wethouders weinig tijd. Dat moet nu anders dus!
Het resultaat betekent ook dat ik niet in de raad gekozen ben, erg jammer. Ook al was de PvdA niet populair in Maastricht toch gaven 66 burgers hun voorkeurstem aan mij. Hartstikke bedankt daarvoor! Eerlijk gezegd is het voor mij geen ramp dat ik niet in de raad ben gekozen, want ik heb nog een hele toekomst te gaan. Het is vooral jammer voor de hardwerkende PvdA'ers die in de raad zaten en er nu weer voor gingen zoals; Jean, Chris, Harie en George.
Nu is het tijd om vooruit te kijken en als PvdA te laten zien dat we onverminderd hard blijven strijden voor een Maastricht waar iedereen mee telt!
vrijdag 26 februari 2010
Artikel Observant 25 februari
Het onderstaande portret is gisteren, donderdag 25 februari, geplaatst in de Observant:
Antoine van Lune (24) staat op de tiende plaats op de lijst van de PvdA (nu 13 zetels). Hij is bachelorstudent aan de European Law School
Wat wil je bereiken voor studenten? “Ik vind dat de gemeente meer kan doen om studenten te informeren over de huurprijzen. Nu betalen ze vaak veel te veel. Goede voorlichting kan dat voorkomen. Ten tweede vind ik dat alle evenementen gelijkwaardig behandeld moeten worden. Nu staat de gemeente op de achterste benen als er geluidsoverlast is bij een cultuurfestival als Bruis, maar als André Rieu te hard speelt hoor je er niemand over. Tot slot moet er volgens mij geïnvesteerd worden in de werkgelegenheid. Nu hebben studenten vaak geen andere keus dan na hun studie weg te trekken uit Maastricht voor een baan.”
Waarom heb je geen studentenpartij opgericht? “Daar voel ik niks voor, alle inwoners zijn even belangrijk. Daarbij heb ik me altijd goed gevoeld bij het gedachtegoed van de PvdA, dat is echt mijn partij.”
Waar ligt je kracht als politicus? “Dat ik al een tijdje meeloop, maar niet mijn passie heb verloren. Ik wil me dag en nacht inzetten voor een betere gemeente.”
Antoine van Lune (24) staat op de tiende plaats op de lijst van de PvdA (nu 13 zetels). Hij is bachelorstudent aan de European Law School
Wat wil je bereiken voor studenten? “Ik vind dat de gemeente meer kan doen om studenten te informeren over de huurprijzen. Nu betalen ze vaak veel te veel. Goede voorlichting kan dat voorkomen. Ten tweede vind ik dat alle evenementen gelijkwaardig behandeld moeten worden. Nu staat de gemeente op de achterste benen als er geluidsoverlast is bij een cultuurfestival als Bruis, maar als André Rieu te hard speelt hoor je er niemand over. Tot slot moet er volgens mij geïnvesteerd worden in de werkgelegenheid. Nu hebben studenten vaak geen andere keus dan na hun studie weg te trekken uit Maastricht voor een baan.”
Waarom heb je geen studentenpartij opgericht? “Daar voel ik niks voor, alle inwoners zijn even belangrijk. Daarbij heb ik me altijd goed gevoeld bij het gedachtegoed van de PvdA, dat is echt mijn partij.”
Waar ligt je kracht als politicus? “Dat ik al een tijdje meeloop, maar niet mijn passie heb verloren. Ik wil me dag en nacht inzetten voor een betere gemeente.”
Abonneren op:
Posts (Atom)