zondag 24 maart 2013

Gemeente stop met vage en onduidelijke communicatie

Vlak na de gemeenteraadsvergadering van deze week waar het nog ging over een meer burger gerichte werkwijze en houding van de gemeente stond er op 22 maart een aankondiging in de Ster (klik op de afbeelding voor een grotere weergave). De tekst is een klassiek voorbeeld van een standaard tekst voor de aankondiging van een nieuw bestemmingsplan. Het is vaag en onduidelijk voor de burger wat de impact is van het plan. Dat moet anders!

Communicatie is van cruciaal belang om burgers in staat te stellen te laten begrijpen waar de gemeente mee bezig is en daar op te reageren. Zo raakt de burger meer betrokken bij de gemeentelijke politiek en krijgt de politiek een duidelijker beeld van de meningen en belangen die er in de stad zijn.

Aangezien ik niet de slechtste ben hieronder voor de ambtenaren een tekst die laat zien dat de bovenstaande tekst ook anders kan:

De gemeente Maastricht vernieuwt alle bestemmingsplannen. Ze moeten worden gedigitaliseerd en soms klopt de werkelijke toestand niet meer met het oude plan. De vernieuwde bestemmingsplannen moeten worden vastgesteld door de gemeenteraad. Nu is Maastricht Zuidwest aan de beurt. Dat omvat de buurten Villapark, Sint Pieter, Jekerdal, Biesland, Campagne en Wolder. Op de afbeelding is te zien om welk gebied het gaat.
Voordat de gemeenteraad het bestemmingsplan gaat vaststellen mag iedereen die er belang bij heeft zes weken reageren op het ontwerp. De gemeenteraad moet dan rekening houden met die reacties. Ambtenaren bereiden dat voor.

Een bestemmingsplan is belangrijk voor iedereen die in dat gebied woont of die er eigenaar is van een gebouw. Het bestemmingsplan bepaalt wat en hoe er mag worden gebouwd en verbouwd in het gebied, en hoe de gebouwen mogen worden gebruikt. Het zegt bijvoorbeeld hoe hoog gebouwen mogen zijn en of er in een pand een bedrijf mag worden gevestigd. Als er voor een woning of bedrijf vergunningen worden aangevraagd, of als een nieuw gebouw wordt neergezet, dan moeten die regels van het bestemmingsplan worden toegepast. Iedereen mag daar dan een beroep op doen, zowel de aanvrager van de vergunning als de omwonenden.

Dit plan past alle regels aan naar de toestand zoals die nu is. Er is één grote verandering. De oude huishoudschool bij het Theresiaplein mag worden verbouwd tot woningen en ateliers. Verder maakt het ontwerp een uitzondering voor de plannen Castermans I en II in Wolder. Daar geeft het geen regels voor. 

U kunt het ontwerpplan komen bekijken bij het Gemeenteloket van 25 maart tot en met 6 mei 2013. U kunt ook zelf alle documenten over dit plan downloaden in een zip-bestand:  http://ruimtelijkeplannen.maastricht.nl/71E0778F-758A-4889-9DD9-145AB55939B5/NL.IMRO.0935.bpMtrichtZuidwest-ow02.zip

Als u opmerkingen heeft over het ontwerp kunt u mondeling of schriftelijk reageren. Uw schriftelijke reactie moet uiterlijk 6 mei bij de gemeente zijn ontvangen. U stuurt deze naar Gemeente Maastricht, Postbus 1992, 6201BZ Maastricht of naar post@maastricht.nl en u vermeldt daarbij “Zienswijze ontwerpbestemmingsplan Maastricht-Zuidwest”. Als u mondeling wilt reageren kan dat op 24 of 25 april in Mosae Forum. U moet daarvoor uiterlijk een dag tevoren een afspraak maken per telefoon (0475 31 15 69) of per mail (eveline.engels@maastricht.nl)

woensdag 20 maart 2013

Burgerparticipatie bij ruimtelijke plannen

De onderstaande tekst is mijn raadsbijdrage tijdens de raadsvergadering op 19 maart bij de behandeling van het nieuwe beleid voor participatie en inspraak bij ruimtelijke plannen.

Voorzitter, bij ruimtelijke ordening voelen burgers zich vaak niet gehoord of wantrouwen zij de gemeente. Dat bleek al bij de ontwikkelingen op de St. Pietersberg en de plannen om windmolens te plaatsen in Lanakerveld. Oorzaak van de weerstand: burgers worden geconfronteerd met voldongen feiten. Het is slikken of stikken. En ja, ooit waren er al besluiten genomen over de plaatsing van windmolens en ja, ooit is er een convenant getekend door de gemeente en natuurmonumenten. Maar op zo’n moment hebben burgers daar geen boodschap aan, want zij waren zelf niet bij deze besluiten.

Als de gemeente op vertrouwen wil rekenen en herkenbaar wil zijn voor zijn burgers dan zal het anders moeten. Dat begint door burgers even serieus te nemen als deskundigen. Door burgers al bij het eerst mogelijke begin van ideeënvorming te betrekken. Waarbij participatie niet betekent meepraten, maar medezeggenschap krijgen in het proces. Hierbij zal duidelijk moeten zijn voor burgers wat de grenzen zijn van de mogelijkheden van een plan. Dat betekent dat je burgers helder inzicht geeft in de informatie die beschikbaar is. Uiteindelijk zal het besluit door de gemeenteraad genomen worden en zal zij de verantwoordelijkheid dragen voor het besluit.

Om burgers vooraf helderheid te geven over de participatie mogelijkheden en daarnaast de mogelijkheid de overheid af te rekenen op afspraken heeft het Rijk voorgesteld om vooraf bij elk ruimtelijk plan een participatieplan te vereisen. Volgens de PvdA-fractie laat de gemeente zien dat zij participatie echt serieus neemt door dit over te nemen. Wij roepen daarom het college op om dit in Maastricht ook in te voeren.

Voorzitter, het aangepaste beleid met betrekking tot burgerparticipatie bij ruimtelijke plannen is een stap in de goede richting. In het beleid wordt gekozen voor participatie als uitgangspunt. Daarnaast heeft het college de uitzonderingsmogelijkheden op verzoek van de Partij van de Arbeid-fractie afgezwakt. De do’s en don’t zoals die samen met de commissie stadsontwikkeling zijn opgesteld geven een goede gedragslijn hoe er met de beleidsregels omgegaan moet worden. Het is een poging om lering te trekken uit de voorbeelden die ik eerder noemde.

Maar als wij burgerparticipatie echt serieus nemen dan is er veel meer nodig. Er is een fundamentele verandering van werkwijze en houding nodig. Dat begint bij ons zelf. Wij zullen zelf constant alert moeten blijven dat wij als politiek niet in oude reflexen schieten, want te vaak hebben burgers het gevoel niet gehoord te worden door de politiek en het wantrouwen naar de politiek is daardoor gegroeid.

Een verandering van werkwijze en houding is ook nodig binnen de ambtelijke organisatie. Dit kan niet van buiten komen, maar zal van binnenuit moeten gebeuren. Het is daarom van cruciaal belang dat de gemeentesecretaris zelf met deze cultuuromslag aan het werk gaat. Wij hebben ook alle vertouwen dat hij dat kan. Wij dienen daarom een motie in met het dictum:

Roept het college op om:
• Een traject te starten om een nog hoger niveau van burgergerichte werkwijze en houding te realiseren binnen de gemeentelijke overheid;
• In de sociale visie te komen met de eerste stappen om cultuuromslag te bewerkstelligen.

De motie is mede ondertekend door CDA,SPM, D66, VVD en Groenlinks

Voorzitter, in de sociale visie zal burgerparticipatie in bredere zin terugkomen en wat ons betreft zal dit een belangrijke plek innemen in de sociale visie. De PvdA-fractie zal daarom zelf komen met een initiatiefvoorstel over burgerparticipatie.

De do's en don't die opgesteld zijn door de commissie stadsontwikkeling kunt u hier vinden. Het voorstel om een participatieplan op te stellen bij elk ruimtelijk plan zal door het college van burgemeester en wethouders uitgevoerd worden. De motie is overgenomen door het college. De volledige tekst is hier te vinden.

bron foto: flickr.com/kennisland

woensdag 23 januari 2013

Belvedere: meerwaarde creëren voor stad en regio!

De tijd van grootse masterplannen is voorbij. De toekomst is niet 20 jaar van tevoren vast te leggen in een groots opgezet plan. De consequentie van een masterplan is namelijk dat je bij veranderende omstandigheden of nieuwe mogelijkheden niet meer van het ingeslagen pad kan afwijken. Daar is de gemeenteraad zelf al eens mee geconfronteerd bij de besluitvorming over de PDV-locatie. Dat moeten we niet meer willen.

We hebben geleerd van het verleden. Er wordt een stip op de horizon gezet en de voorwaarden voor de ontwikkeling van het gebied worden gesteld. Zo kan het gebied stap voor stap vorm krijgen. Met de besluiten over de verlegging van de Noorderbrug en de Tram Hasselt-Maastricht is de basis voor de bereikbaarheid van het gebied gelegd. In het ambitiedocument Belvedere wordt de basis voor invulling van het gebied gelegd.

Voor de ontwikkeling van het gebied binnen de singels is de invulling van het Eiffelgebouw cruciaal. Dit markante gebouw is het gezicht van het zogenoemde Sphinxkwartier. We kunnen het ons niet veroorloven om in het Eiffelgebouw meer van hetzelfde te plaatsen. De functies zullen een toevoeging op het aanbod in de stad en zelfs de regio moeten zijn. Er zijn veel verschillende functies mogelijk waaraan gedacht kan worden zoals een versmarkt (zonder hoge huren zoals bij Mosae Forum), club (niet zoals de velen die er al geweest zijn), stadslandbouw (bijvoorbeeld samen met Philips Lighting) of een 0-sterren hotel (zoals een hostel voor backpackers; een groot succes is in Amsterdam, Berlijn en Parijs). Er is ook veel discussie of Pathé verhuist naar het Eiffelgebouw. Als dit een van de zovele bioscopen is dan hoeft het geen plek in Belvedere te verwachten, maar als Pathé met een concept komt dat uniek is in zijn soort en een toegevoegde waarde heeft op het aanbod van Lumière, dan past het in de toekomst van het gebied.

Het landbouwbelang is de plek waar de creatieven van deze stad zich verzamelen. Het is een vrijstaat in de goede zin van het woord. Zolang er geen bestemming is voor deze locatie moet dit vooral zo blijven. Alleen in de toekomst zal er volgens het college een publiekstrekkende functie komen. Dat is te vaag. Net zoals bij het Eiffel-gebouw zal dit van toegevoegde waarde moeten zijn voor de regio, dus niet een 13 in een dozijn hotel.

Zoals ik al zei zal de ontwikkeling van het gebied stukje bij beetje vormgegeven worden. Dat betekent dat er op veel plekken nog geen nieuwe definitieve functies komen. Dat is een kans voor tijdelijke functies die de stad kleur geven. Neem bijvoorbeeld het tijdelijke Sphinxpark, dat een prachtige plek is geworden om in de lente en zomer te verblijven. Maar het is ook meer dan dat, een plek waar we kunnen experimenteren en leren hoe we het toekomstige Frontenpark moeten inrichten. Daarnaast zijn er lege gebouwen die een tijdelijke functie zullen krijgen. Bij de invulling van deze gebouwen roep ik het college op om vooral niet gebruik te maken van leegstandsbeheer ofwel anti-kraak, maar te zoeken naar andere vormen waarin dit kan gebeuren, zoals tijdelijke verhuur.

Door zijn omvang is Belvedere is een financieel complex gebied. Het is daarom een goede zaak dat de drie gebieden (Bosscherveld, Frontenpark en Sphinxkwartier) een eigen grondexploitatie krijgen. Hierdoor zullen de risico’s van het ene gebied niet de ontwikkeling van het andere gebied beïnvloeden.

We weten nog niet precies hoe Belvedere er uit gaat zien, maar met internationale grootstedelijkheid als stip op de horizon en de voorwaarden voor de ontwikkeling geeft het ambitiedocument Belvedere ons een kijk in de toekomst van de stad en de regio.

De bovenstaande tekst is een bewerkte versie van mijn uitgesproken tekst tijdens de raadsvergadering van 22 januari 2013.

Foto 1: gemaakt door Massimo Catarinella
Foto 2: wikipedia
Foto 3: gemaakt door mijzelf

vrijdag 11 januari 2013

Euregionale samenwerking bij rampenbestrijding

Komende zaterdag 12 januari zal in Maastricht een demonstratie tegen de oude kerncentrale Tihange gehouden worden. Deze kerncentrale ligt net over de grens bij Huy, ongeveer 65 kilometer van Maastricht. Afgelopen jaar werden er scheurtjes in het reactorvat van Tihange 2 geconstateerd, waarop de reactor werd stilgelegd. Volgens de experts kon de reactor daarna onder strikte voorwaarden weer opgestart worden. De Belgische regering wil de kerncentrale in Tihange openhouden tot 2025. Wat betekent dat voor de Euregio?!

De kans dat er iets mis gaat met een kerncentrale is uiterst klein, maar op het moment dat er iets misgaat, gaat het ook flink mis. Dat hebben de rampen bij Tsjernobyl en Fukushima bewezen. In Nederland hebben wij niets te vertellen over de termijn waarop de kerncentrale zal sluiten. Dat betekent niet dat we met de handen over elkaar moeten blijven zitten. De kerncentrale ligt namelijk behoorlijk dichtbij en Maastricht ligt ook nog in een dal. Er zal daarom samengewerkt moeten worden om op alle situaties voorbereid te zijn. Daarnaast zal de Nederlandse regering in gesprek moeten blijven over de veiligheid en de toekomst van de kerncentrale Tihange.

Om ervoor te zorgen dat de Euregio goed voorbereid is op mogelijke calamiteiten zal de burgemeester maatregelen moeten nemen in overleg met aangrenzende regio. De eerste maatregel is trouwens al genomen: er zullen in Zuid-Limburg jodiumpillen opgeslagen worden. Maar de burgemeester zal als verantwoordelijke voor de veiligheid in de regio nu wel moeten doorpakken. Er zal ook een rampenplan voor Zuid-Limburg moeten komen, dat vormgegeven zal moeten worden in samenspraak met de Belgische autoriteiten. Op basis van het gezamenlijk opgestelde rampenplan zullen er daarna ook gezamenlijk rampenoefeningen gedaan moeten worden. Dan zijn we werkelijk voorbereid op mogelijke calamiteiten.

Naast een goede voorbereiding op eventuele calamiteiten zal de veiligheid van de kerncentrale gewaarborgd moeten zijn. De noodzaak voor extra waarborgen is alleen nog maar groter nu mogelijk reactor Tihange 2 weer opgestart zal worden. De burgemeester van Maastricht zal er bij de minister van Economische Zaken op moeten aandringen dat deze bij zijn Belgische collega pleit voor extra waarborgen van de veiligheid van de kerncentrale Tihange. Door bijvoorbeeld intensievere controles door onafhankelijke experts te laten plaatsvinden.

Door aan te dringen op intensievere controles door onafhankelijke experts en het verbeteren van de samenwerking bij rampenbestrijding kan de Euregio veiliger en beter voorbereid gemaakt worden op eventuele calamiteiten!

zondag 6 januari 2013

Er moet duidelijkheid komen over de situatie rondom de studentensociëteit van Circumflex

Deze week heb ik met veel verbazing het artikel in Dagblad de Limburger over overlast rondom de studentensociëteit van Circumflex gelezen. Volgens het artikel waren geluidsoverlast en andere incidenten schering en inslag rondom de studentensociëteit. Opmerkelijk, want tot op het laatste moment heb ik geen onvertogen woord gehoord over Circumflex.

Al een aantal jaar ligt de studentensociëteit van Circumflex in de Capucijnenstraat. Bij de verhuizing voorzag de buurt veel overlast en waren er in eerste instantie op tegen, maar na het ondertekenen van een convenant met duidelijke afspraken tussen alle belanghebbenden ging men akkoord. Hierna waren er praktisch nooit klachten over Circumflex. Het buurtplatform roept zelfs dat het convenant opgeheven moet worden, omdat door het convenant Circumflex verantwoordelijk is voor alle overlast in de Capucijnenstraat. Een logische reactie als Circumflex zich aan de afspraken houdt. Alleen nu geeft een buurtbewoner en twee organisaties aan dat er juist veel overlast van de studentensociëteit is.

Er moet wat mij betreft snel duidelijkheid komen over wat er klopt van het artikel in Dagblad de Limburger, zodat er gepaste actie genomen kan worden. Hierover heb ik vragen gesteld aan het college van B en W. Klik hier om de vragen te lezen.

Los van de situatie rondom Circumflex zullen studentenzaken door gemeente, universiteit en politie veel meer in gezamenlijkheid aangepakt moeten worden. Op dat gebied kan Maastricht nog veel van Groningen leren.

maandag 31 december 2012

Op naar een sterk en sociaal 2013!



Ik wil alle lezers van mijn blog een sterk en sociaal 2013 toewensen. Daarnaast hoop ik dat ik jullie het komende jaar weer weet te interesseren voor mijn blogs!

dinsdag 20 november 2012

Regionaal woonbeleid: Tijd om samen door te pakken!

De tijd van grote bouwprojecten en eindeloze ambities is voorbij, wat weinigen ontgaan zal zijn. Nu is het de tijd van forse bezuinigingen, crisis in Europa en krimp in Zuid-Limburg. Maar toch trekken burgers naar de stad. Door een positief migratiesaldo weet Maastricht de laatste paar jaar licht te groeien, in tegenstelling tot de omgeving rondom de stad. Dit heeft consequenties voor het regionale woonbeleid.

In plaats van een aanbodgericht bouwprogramma zal het lokale beleid met een consumentgerichte aanpak ook regionaal worden doorgevoerd. Dit vereist niet alleen consequente monitoring van de vraag naar woningen, maar ook flexibiliteit van gemeenten om hun bouwprogramma’s aan de vraag aan te passen. In 2009 heeft Maastricht zijn bouwprogramma al fors omlaag gebracht. Dit betekent dat Maastricht tot en met 2015 genoeg woningen bouwt om aan de verwachte vraag te voldoen. Vanaf 2015 echter is er naar verwachting een overschot aan bouwprogramma’s in Maastricht. Dat zou betekenen dat er ook gekeken zou moeten worden naar het intrekken van bouwtitels, en meer in het bijzonder het intrekken van woonbestemmingen en mogelijk ook het verder omlaag brengen van bouwprogramma’s. .

De consequenties van de nieuwe regionale woonvisie zijn voor de heuvelland-gemeenten vele malen groter dan de hiervoor voor Maastricht geschetste situatie Het verwachte overschot aan bouwprogramma’s is in deze gemeenten een relatief groter én urgenter probleem, want hun bouwprogramma’s zijn nu al groter dan de vraag. Het blijven bouwen zonder oog te hebben voor de vraag leidt alleen maar tot meer leegstand. Op basis van de prognoses zullen zij hun bouwprogramma’s fors terug moeten brengen om deze kannibalisering in de regio tegen te gaan. Dat is een pijnlijk besluit, zoals wij in 2010 hebben gemerkt toen er in Maastricht voor tientallen miljoenen euro’s aan gronden afgeboekt moest worden.

Maastricht is niet in de positie om met het vingertje te wijzen. Maastricht mag dan wel groter zijn, er beter voor staan en pijnlijke beslissingen al genomen hebben, toch zijn wij allen in de regio gelijkwaardige partners. Tegelijkertijd moeten wij niet denken dat gemeenten het alleen kunnen. Het is een gezamenlijke opgave waarbij de provincie een niet onbelangrijke rol speelt. Dit moeten wij als regio onderkennen. En dus zal de provincie een coördinerende rol moeten krijgen bij de uitvoering van de regionale woonvisie.

De bovenstaande tekst is een aangepaste versie van mijn bijdrage tijdens de raadsvergadering van 20 november 2012